Meervoudige partijdigheid rust op vier poten

School met Glans
Marja Klaver
25 april 2018
stoel

Wanneer een kind speciaal is, wordt de betrokkenheid van ouders sterker, de taak van leerkracht zwaarder en het zorgprofiel van de school op de proef gesteld.

Wanneer het niet goed (meer) gaat kunnen de verschillende belangen van de diverse partijen voor een sterke dynamiek en soms ook dynamiet zorgen. Een uitdaging voor jou als directeur, want zo’n situatie vraagt om adequaat handelen. Het begrip meervoudige partijdigheid helpt je om richting te bepalen. Daardoor kun je lastige situaties tot een goed einde brengen. 

Tim, net over naar groep 4, heeft een stoornis in het autistisch spectrum. Groep 4 lijkt te groot voor Tim. Hij loopt elke dag een paar keer boos de klas uit, waardoor andere kinderen onrustig worden. De situatie is zorgelijk. Ouders, leerkrachten en IB’er hebben ieder een eigen kijk op zowel de oorzaak als de oplossing van de situatie met Tim.
 

Hoezo meervoudig partijdig

Wanneer ik meervoudig partijdig ben, bijvoorbeeld wanneer ik een leerkracht coach in opdracht van de schoolleiding, vind ik het durven vertrouwen op mijn inzicht de grootste uitdaging. Vanuit mijn werk met directeuren en leraren in relatie tot ouders weet ik hoe belangrijk het is om als directeur  duidelijk en zichtbaar partij te kiezen voor én het kind én de ouders én de leraar. En dat doe je juist met meervoudige partijdigheid. Dit begrip is uitgewerkt door de Hongaars Amerikaanse psychiater Iván Böszörmenyi-Nagy (1920 -2007). Bij meervoudige partijdigheid ga je met elke belanghebbende partij in gesprek. Je luistert open en nieuwsgierig naar ieders kant van het verhaal. Je neemt ieders zienswijze serieus en kiest geen partij. Hoe doe je dat?

 

De vier stoelpoten

‘Allesomvattende’ communicatie 


Je spreekt en luistert in elk gesprek op zo’n manier, dat iedere andere partij mag horen wat je over hem of haar zegt.

Je vertelt bijvoorbeeld aan Tims moeder dat de leerkrachten weten dat Tim veel structuur nodig heeft in de klas. En dat ze het desondanks moeilijk vinden om daaraan tegemoet te komen.

 

Erkenning


Je geeft elke partij erkenning voor zijn of haar standpunt, zonder deze partij gelijk te geven. 

De leerkracht weet nog niet hoe de structuur in de klas aan Tim aan te passen. En ze vindt het ook wel veel gevraagd. De directeur erkent dat Passend Onderwijs veel vraagt van leerkrachten. En dat je daar tijd voor nodig hebt. Die tijd krijg je ook, maar wel met een deadline.

 

Empathie


Je maakt en onderhoudt een open relatie met iedere partij. Je verplaatst je in ieders positie. Je zoekt bewust naar de behoefte of wens van de ander, zodat je begrip en sympathie voor die ander op kunt brengen. Dit geeft je inzicht in wat elke partij denkt, voelt of wil.

De vader van Tim is boos op de leerkrachten en de school, omdat Tim zo vaak boos is. De directeur luistert goed en hoort de zorg van de vader om zijn zoon.

 

Zelfvertrouwen


Je vertrouwt op jezelf en je professionaliteit. Wanneer je iedereen gehoord hebt, zal je de weg vinden die naar een oplossing leidt, waarbij je recht doet aan de diverse belangen. Denken vanuit een win-win perspectief is daarbij een goede hulp.

In gesprek met Tim hoort de directeur dat Tim naast zijn beste vriend zit en dat hij het naar zijn zin heeft, ook al wordt hij soms boos als het druk wordt. Belangrijk om te kijken of meer structuur Tim en ook andere kinderen rust zal brengen.

De directeur besluit de bal de komende maanden te leggen bij de leerkrachten met hulp van de IB’er.  

 

Tot slot  

Welke situatie in jouw school is op dit moment gebaat bij meervoudige partijdigheid?

Reageren?

Deze wordt niet getoond op de website